Bijna honderd laadpalen voor elektrisch vervoer in Emmen

EMMEN

In de gemeente Emmen komen 93 nieuwe laadpalen voor het opladen van elektrische auto’s. De gemeente doet mee aan een samenwerking in de provincies Drenthe en Groningen om duizend nieuwe laadpalen te plaatsen.

Het Rijk levert een grote financiële bijdrage om het elektrisch rijden in de regio te stimuleren. Kosten voor de gemeente Emmen bedragen ongeveer 44.000 euro. Als alles volgens planning verloopt, worden de palen vanaf januari volgend jaar geplaatst.

In Emmen worden laadpalen geplaatst in drie categorieën:

- Paal volgt auto: in deze categorie komen 57 laadpalen beschikbaar. Mensen die een elektrische auto aanschaffen, maar geen eigen oprit hebben, kunnen de plaatsing van een laadpaal op de openbare parkeergelegenheid in hun buurt aanvragen. Deze laadpaal wordt geen particulier eigendom.

- Strategische locaties: In deze categorie komen 25 laadpalen op locaties waar nu nog geen laadpaal is, onder meer de parkeerterreinen bij de treinstations Emmen, Emmen-Zuid en Nieuw-Amsterdam, Sportcomplex Meerdijk, P-noord en P-oost in Emmen.

- Dorpen: In deze categorie worden elf laadpalen geplaatst in dorpen met meer dan duizend inwoners, waar op dit moment nog geen laadvoorziening is voor elektrisch vervoer. Het gaat om de plaatsen Nieuw-Dordrecht, Erica, Weiteveen, Nieuw-Schoonebeek, Nieuw-Amsterdam, Veenoord, Zwartemeer, Nieuw-Weerdinge, Barger-Compascuum, Emmer-Compascuum en Klazienaveen. De exacte locaties worden overlegd met de erkende overlegpartners.

Van der Weide

“Verkeer en vervoer is ongeveer 11% van het totale energieverbruik in de gemeente Emmen. We kunnen mensen niet helpen bij het aanschaffen van een elektrische auto. Wat we wel kunnen doen is faciliteiten te bieden voor gebruikers van deze auto’s, zodat we het elektrisch rijden wel meer kunnen stimuleren. Dit is een van de manieren waarop wij proberen het energieverbruik door verkeer en vervoer te verlagen”, aldus wethouder René van der Weide. “Door als gemeenten samen te werken met de beide provincies, kunnen we financieel voordeel creëren en gebruik maken van een goede rijksbijdrage.”