‘Dan ben je pas een echte kroegbaas’

EMMEN

Kroegbaas Eric van der Veen viert 19 mei het dertigjarig bestaan van zijn Rue de la Gare. Hoe vindt hij het om een kroeg te runnen en wat komt er eigenlijk allemaal bij kijken?

Door Vincent Trechsel

Een dag voor Koningsdag vertelt Eric van der Veen (48) – op zijn verjaardag nota bene – over het leven in een café. Als lui student begon hij aan een leven in het café dat inmiddels al zo’n 26 jaar duurt. Dat had hij zelf ook niet voor mogelijk gehouden. Maar wat doe je als een studie saai is, iets op je pad komt wat je graag doet, en jij sowieso een type bent dat alleen dingen doet waar hij zin in heeft of passie voor voelt? Op zich niet zo moeilijk. Dan doe je dat gewoon.

Geen serieuze student dus?

"Dat was ik inderdaad. De Pabo deed ik. Ik wilde graag schoolmeester worden. Maar ik zag mij die opleiding gewoon niet vier jaar doen. Blokfluit spelen, naaien… Daar had ik gewoon geen zin in. Lesgeven, dat vond ik mooi. Voor de klas staan, kinderen iets vertellen. Gewoon, iets leren. Ik wilde graag doen wat me leuk leek en die opleiding trok ik niet. Toen vroegen Jan van Heese en Carla Ambergen (zij zijn de voormalige eigenaren van het café, red.) of ik tijdens een druk middagje met veel schooljeugd in het café mee wilde draaien. Dat wilde ik wel, en ik was er steeds vaker te vinden. Op een gegeven moment haalden docenten me serieus op – van mijn kamer boven het café – om op school te komen. Het mocht niet baten."

Wat is dat met jou en lesgeven?

"Dat weet ik niet. Ik zou nu best voor de klas willen staan, al gaat dat niet meer gebeuren hoor. Hoewel, misschien toch wel… Op het Drenthe College of zo. De jeugd iets leren over het leven in de horeca. Ik merk het in het café dat ik ervan geniet om stagiaires het vak te leren. Hoe ze een betere gastheer of –vrouw kunnen worden. De ontwikkeling van jongeren is mooi om te zien. Hier in de Rue hadden we bijvoorbeeld ook iemand lopen via een Wajong-uitkering. Iemand die dus door ziekte of een handicap eigenlijk niet kan werken. In het begin was diegene alleen maar gericht op de vierkante meter rondom hem. Hij bloeide na verloop van tijd helemaal op, vooral door begeleiding van de jongens in de keuken. Dat maakt mij gewoon trots."

Je bent ook trots op Rue de la Gare. Wat is je gevoel bij het café?

"Ja, jemig wat een vraag… Rue de la Gare is gewoon onderdeel van mijn leven. Je hebt mijn vrouw, mijn kinderen en dan de Rue. Ik kan er niet zonder hoor. En ik ga ook nog wel even door met werken. Eigenaar van een café zijn, ben je 24/7. Daar heeft mijn vrouw nog wel eens moeite mee. Dan gaan we naar de Ikea of een kringloopwinkel voor wat nieuwe dingen in huis. Ik kijk dan toch vooral rond of ik iets zie voor de Rue. Uiteindelijk zit de kar ook vol met spul voor het café. Als ik dan borden in de aanbieding zie en even bel of we die kunnen gebruiken, wordt ze helemaal pissig. Vind je leuk hè?"

Wat is er eigenlijk zo mooi aan dit onregelmatige werk?

"Het grootste voordeel is dat je veel vrijheid hebt. Zo heb ik mijn passie – de jazzmuziek – naar Emmen gehaald. Ook heb ik inmiddels een enorme mensenkennis. Dat vind ik ook een voordeel. Werkelijk iedereen heeft een gebruiksaanwijzing. Dat leer je dan, en is verrekte handig. Ik heb heel snel door hoe iemand is of wat diegene met een bepaalde opmerking bedoelt. Ook anticiperen op vervelende toestanden – die hier gelukkig niet vaak plaatsvinden – gaat me gemakkelijk af. Ze hebben wel eens schreeuwend voor me gestaan. Dat is in het begin indrukwekkend, maar daar word ik nu niet meer warm of koud van. Dat geen dag hetzelfde is, vind ik ook erg leuk."

Eric en muziek.

"Tja, wat kan ik daar over zeggen? In 2006 zijn Jan van Es en ik ermee gestopt, maar we hebben nog een paar jaar een soort dubbelconcerten gehad met Groothuis. Tien jaar geleden ben ik begonnen met jazzmuziek. Vrienden vonden het onverstandig, want wie luistert er nu naar jazz? En zij die dat doen, drinken niet genoeg. Kost alleen maar geld, zeiden ze dan ook. En dat klopt, maar wat is er mooier dan een leven waarin je passie naar voren komt? We gaan trouwens een cd uitbrengen. Veel artiesten die de afgelopen jaren zijn geweest, duiken met de vaste bezetting de studio in om een cd op te nemen. Kunstenaar Ingo Leth maakt de hoes. Mijn vrienden verklaarden me ook nu voor gek, want wie draait er nog cd’s? Ik trek me er niks van aan. Maar goed, Rue de la Gare is inmiddels een bekend muziekpodium geworden door heel Nederland. Echt waar! Elke dag krijg ik wel mail of artiesten hier mogen spelen, maar ik zit vol tot de zomer van 2019. Ik heb zelfs de programmering van C’est la Vie van volgend jaar al rond. Gitarist Jan Akkerman komt dan. Dat is wel speciaal hoor."

Wat vind je nadelen van dit werk?

"Het leven van een café-eigenaar gaat niet altijd over rozen. Zeker in het begin heb ik ook heel zware jaren gekend. Ik ben met niks begonnen, had geen rooie cent. Desondanks liep het toch altijd wel redelijk door. Ook in de crisisjaren. Soms lopen er tussen de gasten wat rotte appels. Van die dronkaards. Vervelend, maar gedoe wordt direct in de kiem gesmoord. Ik heb wel eens twee kerels gehad die begonnen te vechten. Bloed, shirt kapot, je kent het wel. Tot grote ontsteltenis van mijn vrouw nodigde ik die twee bij mij thuis uit om de boel bij te leggen. Tegenwoordig drinken ze samen een biertje."

Bezoeken veel markante types jouw café?

"Jazeker. Markante types heb je hier genoeg. We krijgen hier heel veel verschillende gasten. Echt heel divers. Mensen die werkeloos zijn, kunstenaars, muzikanten, politici, vakantiegangers en ondernemers. Ik denk dat dat ook de kracht is van dit café. Dat het voor iedereen toegankelijk is.

Sta je liever voor of achter de bar?

"Honderd procent erachter. De bar is voor mij puur werk. Als ik vrij ben, ben ik hier ook niet. In Emmen vind je mij sowieso niet snel in een café. Maar dat heb ik tegenwoordig ook al in Rotterdam. Zoals bekend ga ik veel naar Feyenoord en zelfs in de Rotterdamse cafés die we vaak bezoeken, herkennen ze me al. Vroeger nam ik het werk mee naar huis, zoals dat dan heet. Dat heb ik nu niet meer. De deur is dicht, is ook echt dicht. Vroeger sliep ik er niet van hoor, wanneer mensen mij hun persoonlijke sores vertellen."

Hoe ga je trouwens om met dubbellevens van cafégasten, want die zijn er wel neem ik aan.

"Dat klopt. Je ziet het af en toe. Dat je weet dat er een partner thuis zit, dat er kinderen in het spel zijn. Je hoort vaker iets dan je het ziet, moet ik eerlijk zeggen. Het is ook weer niet schering en inslag hoor. Ik vind trouwens wel dat je pas een echte kroegbaas bent als je dat soort informatie voor je houdt. Het is een soort beroepsgeheim, zoals ook een dokter en een dominee hebben. Ik had moeite met dit soort dingen. Nu niet meer. Dat klinkt misschien wat gek, maar dat kan niet. Eigenlijk interesseert het me niks, wat die mensen doen. Mensen die ziek zijn… dat grijpt me wel erg aan. Laatst stond ik achter de bar en zag ik op verschillende plekken in het café mensen met een verschrikkelijke ziekte. Zij weten dat niet van elkaar, maar ik zie ze daar dan allemaal zitten. Stuk voor stuk. Ziek. Dat raakt me. Mensen die ziek zijn, komen hier vaak om juist even niet over hun ziekte te praten. Toch wil ik graag laten weten dat ik aan ze denk. Even een schouderklopje of zo is dan vaak voldoende."

Je zegt net dominee, maar jij hebt ook mogen preken.

"Ja, houd op. Dat was drie jaar geleden, toen ik werd gevraagd voor de speciale kerkdienst Koopman en Dominee. Ik moest iets vertellen over mijn jeugd, mijn relatie met de kerk en het geloof en ik moest de mensen een boodschap meegeven. Doodeng man. Heb er drie nachten niet van geslapen, maar die 25 minuten daar preken waren voor mij wel een hoogtepunt als kroegbaas. Echt bijzonder om mee te maken."

Emmenaar van het Jaar worden was ook een hoogtepunt, neem ik aan.

"Daar werd ik vorige week nog voor gefeliciteerd! Bijna vijf maanden na dato. Iemand feliciteerde me uitbundig. Dus ik bedankte en zei dat ik inderdaad erg blij was dat Feyenoord de beker had gewonnen. Maar dat bedoelde ze niet. Dat het zo leeft bij de mensen verrast me wel hoor."

En dan 19 mei weer een mooi moment.

"Jazeker, dan vieren we het dertigjarig bestaan van het café en dat ik 12,5 jaar eigenaar ben van de Rue. Die zaterdag is het vanaf 15.30 uur groot feest hier. Dat wordt hartstikke leuk. Er komt een minifestivalletje. Binnen goede muziek en buiten grill, vis en vegetarisch eten. Ik heb qua muziek van alles wat. Dat vind ik wel mooi. The Basily Gipsy Band speelt tot 18.00. Mooie zigeuner jazz. The Stokers - een regioband met muziek uit de jaren ’60 tot aan ’90 – spelen tot de klok van tien. En met Ralph de Jong heb ik een mooie bluesafsluiter. Hij is hier nog nooit geweest. Ik ben echt blij dat ik die te gast heb. Achter in de zaak staat trouwens een kappersstoel van Nozem Barbers & Tattoo. Daar kunnen de mensen voor een vrije gift geknipt en geschoren worden. Leuk toch? Ik verheug me nu al op die dag."

En daarna op naar de volgende dertig jaar?

"Ik hoop dat ik die ook kan meemaken. Als oud mannetje wil ik nog wel dit café runnen, hoor. Hier stoppen kan ik me ook helemaal niet voorstellen. Dan zou ik stokongelukkig worden, denk ik. Zolang ik gezond blijf, ga ik door. Ik ben nu 48, werk met een goed team, heb een leuk publiek. Ach joh, ik ben helemaal niet met de toekomst bezig. En ik denk zeker niet aan stoppen."