Gemeentegedicht: De bomen, het bos

Emmen

Ze ziet zichzelf in een bos veranderen

met een hunebed als hart een woud vol gekleurde paaltjes langs glibberige paden en kuilen alleen toegankelijk tussen zonsop en ondergang Schimmels groeien onder haar voeten vocht trekt omhoog naar holten waar naamloze beestjes door gebarsten huid kruipen alles vermalen tot molm tot in het bot Woorden vliegen als bladeren tegen een dak van wolken taal ritselt tussen de takken van een jeneverbes op een hoopje stuifzand waar geen herinnering wortel schieten wil Ze kijkt uit naar het kennersoog en de spuitbus met verf het knagen van de zagen gesleep met gevallen stammen Een tractor die brullend scheuren trekt in het mos © Joep van Ruiten © www.gemeentedichteremmen.nl

Auteur

Redactie