Column Coevorden Verbindt: Het gesprek met de oerkok en mooie mensen

Emmen

U leest hier wekelijks een column van een lid van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Coevorden. Deze keer is wethouder Jan Zwiers aan de beurt.

Mensen zijn mooi. Ze boeien door hun gedrag, door hun reacties, door hun voorspelbaarheid en onvoorspelbaarheid. Ik ontmoet veel mensen, mooie mensen, bijzondere mensen. En soms, soms houd je aan een ontmoeting een hele mooie herinnering over. Kort geleden sprak ik af met een vriend; Peter. Peter woont in Limburg, daarom spraken we af in het midden van het land op donderdagavond. De avond voor een bijeenkomst met oud-studenten van onze opleiding. We liepen rond 21.00 uur een kroeg binnen. Daar was een pubquiz bezig. Snel naar de uitgang dan maar weer. Recht ertegenover was ook een kroegje. Er stonden een paar mensen voor de deur, vijftien tot twintig jaar ouder dan wij. Ondanks dat, of misschien wel juist daardoor, gingen we naar binnen. Bij twee van de negen tafeltjes waren ze aan het klaverjassen en in een hoek stond een hondenmand, waar een vriendelijke kroeghond lag te pitten. We bestelden een bockbiertje. “O ja jochie”, zei de barman tegen mij, “je kunt hier niet pinnen”. “Da’s goed hoor”, zei ik en dacht nog: jochie? Na het eerste biertje gingen we toch maar aan de bar zitten. Daar zaten nog zeven andere bezoekers. De tafeltjes waren inmiddels leeg. Peter vroeg om nog twee biertjes en de barman zei: “komt goed jochie.” Een bijzondere en gezellige kerel, die barman. Hij kwam bij ons staan, met de bar tussen ons in en begon te praten. “Ik ben hier nog niet zo lang. Deze muziek, ik vind het eigenlijk niks. Maar je moet het niet te snel veranderen. Dat trekken de mensen hier niet.” Zijn Utrechtse accent paste prima bij zijn mooie stem. Hij was bijna vijftien jaar ziek geweest. Lyme. Omdat ze het niet in de gaten hadden had hij ‘op het kantje gelegen’. Door zijn ziekte was hij alles kwijtgeraakt en was hij gaan schilderen en schrijven. “Prachtig om te doen.” Het werd een mooi gesprek. Zo’n onverwachte ontmoeting met een klik. Bijzonder. Peter en ik keken elkaar nog verwonderd aan. Wat mooi... Inmiddels was het half één ‘s nachts. Theo, we wisten inmiddels zijn naam, bood spontaan aan om ons een mooie tekst voor te dragen. Hij haalde zijn boek met afbeeldingen van zijn schilderijen van boven én z’n schrift met handgeschreven teksten. Ontstaan uit de behoefte om zijn ellende van zich af te schrijven. Theo bleef vertellen, terwijl wij geboeid bleven luisteren. Hij kende Wimke, de basgitarist van Normaal, mijn jeugdidolen. “Hij komt hier spelen voor vijftig gasten, want meer kunnen er niet in, met de band Old Ni-js.” Hij zette één van zijn favoriete lp’s op de pick-up om te luisteren naar het mooiste nummer: Willin van Little Feat. Prachtig. Peter en ik waren nog de enige gasten en Peter vroeg aan Theo: “Waarom vertel je dit juist aan ons, we zijn volstrekte onbekenden voor jou.” Theo antwoordde: “Het voelt gewoon goed, ik had dat meteen, ik voelde verbinding. Gewone mensen die de tijd nemen. Heerlijk.” Het was wederzijds. Theo - achter in de zestig, ooit oerkok en café-eigenaar van beroep - richtte zich na een moeilijke tijd weer op. Hij straalde weer plezier uit en gunde ons een kijkje in zijn hart. Het emotioneerde Peter en mij. Ik denk er bijna dagelijks aan en ben er nog een soort beduusd van. Bijzondere ontmoetingen, mooie mensen. Uiteraard hoef je daarvoor niet naar het midden van het land. Ze zijn overal, ook in je eigen omgeving. Koester die mooie momenten. Wethouder Jan Zwiers

Auteur

Redactie