De andere kant van... Tessa Geerling

SCHOONEBEEK

In de rubriek 'De andere kant van…' ontdekt Karst Leemburg meer over de persoon achter bekende inwoners van Zuidoost-Drenthe. Deze keer is BMX-fietscrosser Tessa Geerling aan de beurt.

Door Karst Leemburg Haar topjaar was tot nu toe 2015. Ze won de dubbel tijdens het Nederlands Kampioenschap in Klazienaveen, werd Europees kampioen op de cruiser en won twee gouden plakken tijdens het wereldkampioenschap in het Belgische Zolder. De nu 22-jarige Tessa Geerling, woonachtig in Schoonebeek, pakte dat jaar ook nog een triple. Deze sportprestatie leverde haar de titel Sportvrouw van de gemeente Emmen 2015 op en ze werd gekozen tot Wielrenster van het Jaar in Drenthe. Een maand later stond ze weer in de schijnwerpers bij het Sportgala van Drenthe. Daar won ze ook. Nu is Tessa terug uit Mexico, waar ze een half jaar studeerde. De tijd in Guadalajara, een Mexicaanse miljoenenstad, heeft haar een andere kijk op het leven gegeven. Wat ik belangrijk vind in het leven... “Dingen doen waar je gelukkig van wordt. Niet wat anderen van je verwachten, maar gewoon je eigen ding doen. Er zijn mensen die dat niet sociaal vinden. Daar moet je niets van aantrekken. Als ik kies voor een relatie zonder kinderen dan kies ik daar bewust voor. Vaak wordt dat als niet normaal gezien. In Nederland draait alles om werk. Maar er is veel meer, bijvoorbeeld stilstaan bij de mooie dingen in het leven waar je van moet genieten. Ik studeer International Business and Languages en ben net een half jaar naar Mexico geweest. Daar heb ik geproefd aan het leven in een andere cultuur met een hele andere levensvisie. Dat heeft mij zeker als persoon veranderd. Het leven in een warm klimaat is rustig en kalm. Even vlug naar de supermarkt is er niet bij. Je staat zo drie kwartier in de rij en iedereen vindt dat prima. Onthaasten kun je daar wel. Voordat ik naar Mexico vertrok was ik een echte carrièretijger. Als topmanager zeggen wat mensen moeten doen, dat leek me wel wat. Rijden in een dure auto en merkkleding kopen. De tijd in Mexico heeft mijn horizon verbreed en ik heb een andere kijk gekregen op veel dingen. Familie en de gemeenschap waarin Mexicanen leven zijn heel belangrijk in hun cultuur. In een klein koffiezaakje werken wel tien mensen, en een ieder heeft zijn of haar taak. Je kunt in ieder geval zeggen dat je werkt hebt, hoe gering ook. In Nederland is dit ondenkbaar. Het liefst moet het werk door zo weinig mogelijk mensen worden gedaan.” Als ik kijk naar de wereld waarin we leven... “Gebeurt er meer dan we weten. Wij worden deelgenoot van maar het topje van de ijsberg. Natuurlijk komt de ellende door de aanslagen heel dichtbij en wat er in Syrië gebeurt is verschrikkelijk. De meeste mensen denken dat we het hier nog goed hebben en dat een aanslag hier niet snel gebeurt. Toch vind ik het allemaal zorgwekkend en vind het een serieus onderwerp. Ik ben echter niet bang aangelegd en laat me niet zo snel uit het veld slaan. Nuchterheid is mij niet vreemd en ik zal gewoon naar steden als Parijs en Brussel gaan. Over vluchtelingen bestaan veel meningsverschillen. Het is goed dat er voor de echte vluchteling goed wordt gezorgd. Daar bedoel ik niet de gelukzoekers mee. Maar je moet je eigen mensen in Nederland niet vergeten. Als ik al vijf jaar voor een huurwoning sta ingeschreven, die vervolgens naar een vluchteling gaat, dan word ik daar niet vrolijk van. Dat is verkeerd. Natuurlijk hebben zij recht op een woning maar alles in evenredigheid. Ik kan me goed voorstellen dat dit voor sommige mensen zeer frustrerend kan zijn.” Blij word ik van... “De zon en als ik merk dat het steeds beter gaat in mijn sport. Kracht en energie krijg je uit het stellen van doelen, zeker als je het doel haalt. In sport is dat zeker het geval. In Mexico heb ik weinig kunnen sporten en daardoor een behoorlijke achterstand opgelopen. Het duurde even voordat ik weer was gewend aan het leven hier en aan de fiets. Nu ben ik weer in training en merk dat er snel verbetering komt. Ik win de meeste wedstrijden met de explosiviteit bij de start. Mijn beensnelheid en techniek moeten nog verbeteren. Het vertrouwen groeit.” Wat mij verdrietig maakt... “Als je niet serieus genomen wordt, bijvoorbeeld bij de dokter. Vorig jaar heb ik dat meegemaakt. Ik had veel fysieke problemen die mij belemmerden in mijn sport. De oorzaak was al vastgesteld maar de klachten bleven aanhouden. Als ik dan weer bij hem kom, is het net of hij niet meer weet wat er al allemaal is onderzocht. ‘Hebben we dit of dat al gedaan?’ En dan ben je al zo vaak bij hem geweest. Daar word ik verdrietig van.” Ik word bang van... “Niet veel dingen. Ik ga niets uit de weg. Voldoening krijg ik als ik ergens gewoon op afstap. Ik probeer altijd oplossingsgericht te zijn. Bij een probleem denk ik altijd: 'Doe er wat aan, klaag en zeur niet'. In de auto ben ik ook niet bang. Af en toe mag ik graag hard rijden. Als het even kan, wil ik op de snelheidsmeter 180 kilometer per uur zien staan.” Ik heb een hekel aan... “Slome lui op de weg. Dat ergert mij mateloos. In de auto ben ik altijd gehaast. Ik vind auto's leuk en ik denk echt dat ik de allerbeste chauffeur ben.” Mijn grootste fout was... “Vorig jaar bij de wereldkampioenschappen in Medellín, Colombia. In de eerste bocht liet ik een gat vallen aan de binnenkant, waar mijn concurrent van profiteerde. Ik kwam als tweede de bocht uit en probeerde in de laatste bocht nog een actie te maken maar ik viel. Weg prolongatie van de wereldtitel. Ik heb daar zoveel over nagedacht, wil dan meteen de wedstrijd overdoen en mijn fout goedmaken. Tijdens de val had ik mijn knie verdraaid. De volgende dag ben ik toch gestart om mijn wereldtitel op de cruiser te verdedigen. Met tape, een drukverband en diclofenac werd ik toch nog derde. Buiten de sport heb ik altijd die dingen gedaan waar ik achter heb gestaan.” Ik ben het meeste trots op... “Mijn trip naar Mexico. In het begin vond ik het best wel spannend maar ik zie het als een overwinning op mijzelf. Ik heb altijd gezegd en geschreeuwd dat ik zoiets wel even zou doen. Het is toch ver weg en helemaal veilig is het er ook niet. Het voelde meer als een vakantie en alles heb ik natuurlijk weer op het laatste moment geregeld, zoals mijn verblijf en de reis. Toen mijn ouders mij naar het vliegveld in Düsseldorf brachten, konden we halverwege weer terug. Ik had mijn bankpas en creditcard nog onder de scanner liggen.” Ik omschrijf mezelf als... “Een nuchtere Hollandse meid met humor en sarcasme. Ik doe dingen die als niet normaal worden gezien. Het liefst rijd ik in onze dikke bus waar onze fietsen in staan. Lekker stoer! Ik zie mijzelf als sociaal, spontaan en kan goed zelf beslissingen nemen. Ik voel mij zelfstandig en zelfverzekerd in de dingen die ik doe of nog moet doen. Ik kan wel wat gesloten zijn en hoef niet alles met iedereen te delen. Er zijn bepaalde zaken die ik dicht bij mijzelf houd. Ik merk in dit interview dat ik voor mijn doen heel open ben, dat had ik niet verwacht.” Als ik iets aan mijzelf wil veranderen... “Dat weet ik niet zo goed. Ik ben tevreden over hoe ik ben en hoe ik eruitzie. Ik moet zeggen dat enige laksheid mij niet vreemd is. Dat is door Mexico wel versterkt. Als we nu met mijn ouders ergens naar toe gaan, is het altijd wachten op mij. Nu moeten ze nog langer wachten. Daar maak ik mij totaal niet meer druk over. Ik heb geen haast meer, behalve op mijn fiets.” Mijn grote voorbeeld is... “Niet iemand in mijn sport. Adoratie voor bands of zo heb ik ook niet. Ik kan wel respect hebben voor mensen in de zakenwereld die door investeren van alles bereiken. Inspirerend vind ik dat ook. In Mexico had ik een huisgenoot en haar vader was dokter. Hij heeft al zijn succes van nul af aan opgebouwd. Nu heeft hij veel geld, een groot huis en een privéjet. Dat vind ik wel cool.” Wat ik doe als ik een vrije dag heb... “Dan heb ik de neiging om die dag toch vol te plannen. Rust is goed, maar ik maak mijzelf toch weer te druk.” Als ik vakantie heb... “Zoek ik het avontuur op. De zon is heerlijk maar ik wil wel graag actie en iets ondernemen. IJsland staat hoog op mijn lijstje. Ik wil graag stoere dingen doen zoals bungeejumping, bergbeklimmen, diverse roadtrips maken en rondscheuren op een squad.” Geld is voor mij... “Heel belangrijk geweest. Alles wordt zo gemakkelijk met geld. Als ik veel geld had zou ik investeren en beleggen om van geld veel meer geld te maken. Maar ik ben niet zo egoïstisch meer, ik kan best wat missen. Als het geld maar op de juiste plek komt.” Mijn grootste droom is... “Veel reizen, lekker backpakken ergens op deze wereld. Mijn wereldtitels wil ik ook terug. Dit jaar zijn de wereldkampioenschappen in Rock Hill, South Carolina. Als ik het gevoel heb dat ik het podium niet kan halen, dan heb ik daar niets te zoeken. Ik ben daar zeer realistisch in. Ik heb immers nog een achterstand weg te werken.” Geloof betekent voor mij... “Helemaal niets. Het heeft voor mij geen enkele toegevoegde waarde. Ik kan me voorstellen dat er mensen zijn die er kracht en energie uit putten. Het enige wat ik weet is dat geloof heel veel gedoe veroorzaakt. De meeste oorlogen ontstaan door het geloof. Dat zegt genoeg.” Ze kunnen mij 's nachts wakker maken voor... “Toch wel voor een beetje geld. Ik zou dat slim besteden en iets ervan aan de kant zetten. Iets leuks doen moet kunnen zoals een mooie reis maken. Vooral leven naar wat je hebt.” Wat ik het eerste doe als ik thuiskom... “Afhankelijk van wanneer ik thuiskom of afhankelijk van wat voor dag het is. Nu loop ik stage en ben de hele week druk bezig. 's Avonds ga ik dan naar de sportschool, trainen op de crossbaan of wielrennen. Vrijdag is mijn rustdag. In de weekenden heb ik wedstrijden. Op mijn rustdag ga ik naar mijn vriend of doe ik leuke dingen met mijn vrienden.” Mijn favoriete plek in het huis is... “Mijn bed. Daar kom ik tot rust. Na het eten vind ik het heerlijk om lang na te zitten. In de tuin hebben we een prachtige veranda aan het water. Een prima plek om lekker te zitten, na te denken en te genieten. Mijn levensmotto is... “Ga ervoor! Ook al ben je bang om iets te doen. Gevoel en intuïtie zijn bepalend. Niet te diep nadenken maar handel soms impulsief. Als ik iets in mijn hoofd heb dan gebeurt het wel.” Ik geef mijn leven het cijfer... “Acht. Dat cijfer zegt niet zoveel. Ik ben nog jong en begin net met de opbouw van mijn leven. Nu ben ik tevreden. Ik heb gelukkig nog veel doelen te stellen. Op dit moment pak ik de draad weer op. Ik wil weer goed worden in mijn sport, wedstrijden winnen, misschien wel prof worden over een jaartje. Of ik ooit Olympisch kampioen word weet ik niet. Zou wel mooi zijn, ik ben jong genoeg. BMX is sinds 2008 een Olympische sport dus het kan. En ja, dan is er ook nog mijn vriendje. Mooi hè?”

Auteur

Redactie