Vrijwillig kantinepersoneel DZOH stapt op na langdurig gesteggel

EMMEN

Het is hommeles bij voetbalvereniging DZOH uit Emmen. Nagenoeg het complete vrijwillige kantinepersoneel is opgestapt na gesteggel tussen de vrijwilligers, het bestuur en de eerste twee teams.

Maar liefst elf van de veertien vrijwilligers die op zaterdagen en trainingsavonden kantinediensten draaiden, zijn woensdag opgestapt. De spreekwoordelijke druppel bleek de oorzaak. Het grootste probleem vormden de spelers, die het liefst zagen dat de sluitingstijd van de kantine met een uurtje verlengd werd. “En dat kan gewoon niet”, vertelt Haico Vos namens de vertrekkende vrijwilligers. “Het gezeur begint op het moment dat we om 12 uur willen sluiten. Die jongens hebben drank op en dan gaat het mis. Dit speelt al een jaar.” Volgens Vos werden er leuzen naar het hoofd van de vrijwilligers geslingerd waar de honden geen brood van lusten en dat terwijl de kantine al een uurtje langer open was dan eigenlijk bedoeld. In het zogenoemde huishoudelijk reglement staat immers dat DZOH zijn kantine om 23.00 uur moet sluiten. “Wij scoren niet natuurlijk, als wij de kantine eerder sluiten dan zij willen, maar we zijn geen kroeg. Dan gaan ze maar naar de Rietplas. Waarom we de kantine uit onszelf een uurtje later sluiten? Om de jongens toch nog tevreden te houden.”

Confrontatie

En die jongens – de spelers uit het eerste en het tweede – hebben volgens de vrijwilligers veel macht binnen de club. Zij stellen dat het bestuur diens oren laat hangen naar de wensen van de voetballers. “Het bestuur durft de confrontatie niet aan te gaan en is te bang om ellende over zich heen te krijgen. De bestuursleden hebben toegegeven een inschattingsfout gemaakt te hebben. Het is een groepje van vijftig dat het verpest voor de overige 750 leden die DZOH telt.” Volgens Vos werden de vrijwilligers op geen enkel vlak gesteund door het bestuur. “Het was als vechten tegen de bierkaai. De situatie werd uitzichtloos, er was een hetze ontstaan tegen één van ons – ook als zij er niet was kreeg ze nog overal de schuld van, we werden uitgemaakt voor nazi’s en enkele bestuursleden lachten dan gewoon met de spelers mee. En dat terwijl wij ons vrijwillig inzetten.”

Bom

Voorzitter Rinze Savenije spreekt van ‘oorzaken die de bom deden barsten’, maar heeft aanvankelijk weinig zin om – naar eigen zeggen – uit de school te klappen. Toch laat hij weten niet blij te zijn met de situatie, maar zegt hij tegelijkertijd dat elf vertrokken vrijwilligers hem niet zoveel zeggen. “Het gaat om twee zussen, hun mannen en nog een gezin met flinke aanhang. In principe zijn dat twee gezinnen en niet elf adressen. Ik betreur het dat zij de pers benaderen, dat zegt mij veel over deze mensen.” De voorzitter meent dat zijn bestuur er alles aan gedaan heeft om het probleem op te lossen, maar erkent – hij kan ook niet veel anders – dat dat niet is gelukt. Savenije: “Jammer dat het zo heeft moeten lopen, maar zo is het nou eenmaal. De mensen waren me dierbaar, maar ik zit nu niet met tranen in mijn ogen.” Het gat van elf vrijwilligers is na de spoedvergadering woensdag al opgevuld door clubmensen met de benodigde papieren. Savenije vindt niet dat het bestuur heeft gefaald, maar zegt wel dat deze hele situatie geen schoonheidsprijs verdient. “Misschien hadden we dingen anders moeten doen. Dat zijn keuzes geweest. Die hebben zij evengoed gemaakt.”

Auteur

Redactie