Krantenbezorger stopt na bijna halve eeuw

VALTHE

Ruim 46 jaar heeft Derk Beijering uit Valthe kranten als Dagblad van het Noorden, de Telegraaf en ook de ZuidOosthoeker rondgebracht. Begin november is hij gestopt. Hij kon niet meer.

Tekst en foto: Vincent Trechsel Iedere dag bezorgde de 79-jarige Beijering de kranten bij buurtgenoten aan de Exloërweg, de Vlintweg en de Valtherweg. Altijd op tijd, nooit een klacht. Hij gaat het missen na bijna vijftig jaar trouwe bezorgdienst, maar een soort spierverrekking in zijn linkerbeen liet hem de halve eeuw niet vervullen. “En daar baal ik van”, bekent hij. “Ik had het graag nog even volgehouden, maar het zit er niet meer in. De pijn in mijn been is te erg.” Zijn vrouw Grietje stelt met klem: “Het is heel jammer, maar het kon echt niet meer.”

Verandering

Voor de geboren en getogen Valthenaar waren de beginjaren als bezorger het leukst. De tijd dat hij de krant nog op schappelijke tijden bij de mensen op de keukentafel legde en altijd een praatje kon maken met buurtbewoners. Al leverde dat ook wel eigenaardige momenten op. “Ik heb het meegemaakt dat er plots een vrouw van tachtig poedelnaakt voor me stond. Zij zei dan: ‘Derk is wel wat gewend, hè?’. En dat klopt wel, maar toch…” Het was de periode dat hij nog niet voor dag en dauw de deur uit moest. Het is al jaren gebruikelijk dat de dagbladen voor het ochtendgloren op de deurmat liggen, maar het contact met de mensen verdween daardoor wel. Beijering was niet blij met die verandering, maar heeft nooit gedacht aan stoppen met bezorgen. “Ik was ’s ochtendsvroeg de enige buiten, alsof ik alleen op de wereld was. Niemand zeurde en ik was mijn eigen baas. Dat is ook wel lekker. Als ik na de ronde thuiskwam, bleef ik meestal wakker. Ik ben een ochtendmens.”

Sneeuw

Weer of geen weer: Beijering stapte altijd op de fiets. Regen vond hij niet erg, aan sneeuw had hij een hekel. Al kreeg hij dan hulp van zijn zoon en brachten ze samen in de auto de kranten rond. “Sowieso stonden mijn vrouw en kinderen altijd voor mij klaar. Ik heb een hersenbloeding gehad en was dus een tijd uit de running. Ik ben heel blij dat mijn familie mijn taak toen overnam.” De grote hoeveelheid presentjes, lekkernijen en bossen bloemen die op tafel liggen, zijn de blijk van waardering die Beijering geniet bij de buurtbewoners. Zijn opvolger is benoemd en samen hebben ze de ronde al gefietst. Beijering valt naar eigen zeggen niet in een zwart gat, want hij blijft ritme houden. Elke ochtend zeven kilometer lopen en iedere middag twaalf kilometer fietsen. Het fietsen gaat met elektrische ondersteuning. De trapbeweging is therapie. Wanneer zijn vrouw bij het gesprek wegloopt en de kamer heeft verlaten, buigt hij zich voorover en fluistert stiekem: “Ik denk toch dat ik wel had door gekund.”

Auteur

Redactie