De weg en de berg op voor het goede doel

Nieuw-Weerdinge

Na een tocht van 1300 kilometer is Jacob Buiter aangekomen bij zijn eindbestemming in Frankrijk. Voor Stichting Mont Ventoux vertrok hij afgelopen vrijdag richting de gelijknamige berg.

Door Jesper Langbroek De rit ernaar toe is hem goed bevallen. Met begeleiding van zijn vrouw in de rol van chauffeur en kok en zijn jongste zoon als navigator fietste Jacob Buiter (51) gemiddeld 215 kilometer per dag. “Je kunt je op alles voorbereiden, maar je komt gekke dingen tegen. Het internet is niet helemaal up-to-date, dus mijn zoon stuurde me vanuit het busje de goede kant op”, vertelt Buiter. “Soms waren de wegen wat lastig en moesten we meerdere keren omrijden. Dat was frustrerend, maar daar zijn we wel uitgekomen.”

Masseuse

Namens Stichting Mont Ventoux haalt Buiter met zijn tocht via sponsoren geld op voor de actie Groot verzet tegen kanker. “Het is een vreselijke ziekte. Als je ziet hoe mensen daaraan lijden. Ik heb het in mijn persoonlijke omgeving ook meegemaakt en dat motiveert me om deze actie te volbrengen”, zegt Buiter. “Als je langs een mooi gebied fietst, realiseer je je dat je dankbaar mag zijn dat je de wereld mag aanschouwen. Op momenten is het fietsen zwaar, maar die gedachte helpt me om door te fietsen.” Buiter fietst al ruim 23 jaar en is lid van FTC Toerlust in Nieuw-Weerdinge. Het is de eerste keer dat hij een tocht zo groot als deze maakte. Vanaf januari trainde hij zo’n vijf keer in de week, in de sportschool en op de weg. Daarbij voelde hij zich altijd gesteund door zijn fietsvrienden en anderen uit zijn omgeving. “Veel familie en vrienden waren ook bij de start aanwezig. Vier jongens van de club hebben een stuk meegefietst. Drie tot Coevorden en eentje bijna tot Roermond. De masseuse van onze club zit bij mijn vrouw en zoon in de bus.”

Graden

De Mont Ventoux heeft Buiter al zeven keer beklommen, maar dat betekent niet dat de achtste keer ‘een makkie’ wordt. “Het blijft een moeilijke berg”, geeft Buiter aan. “Dat zit hem vooral in de onvoorspelbaarheid. De ene keer is het 23 graden op de top en de andere keer tien graden. Dan fiets je naar beneden en dan is daar weer hagel en onweer. Je weet nooit wat je graat treffen, maar dat is ook het mooie.” Komende vrijdag zal hij met een groep mensen van de stichting de berg opnieuw oprijden. Sommigen kent hij van eerdere beklimmingen. “Door de jaren heen is het een hechte club geworden. Je komt elkaar niet in het dagelijkse leven tegen. Het zijn mensen uit Amsterdam, Utrecht, Drenthe en overal vandaan. Maar iedereen heeft een verhaal, een achterliggende gedachte. Uiteindelijk zijn we allemaal met hetzelfde bezig. Daar komt het samen.”

Auteur

Redactie